Hoe overtuig je een (te) extraverte recruiter of werkgever?

Vorige keer schreef ik in een blog hoe een kritisch zelfbeeld de marcommer kan hinderen om zich voluit te profileren in het sollicitatiegesprek. Sommige mensen zijn nou eenmaal introvert en wat rustiger. Dat lijkt vaak nog lastiger als ze een (te) extraverte recruiter tegenover zich hebben. Mogelijk houden ze niet zo van al dat gepraat en vinden zij het minder prettig om zichzelf te verkopen en bevraagd te worden of ze wel goed genoeg zijn voor de vacature.

Hoe overtuig je een (te) extraverte recruiter of werkgever?

Introvert versus extravert

‘Wanneer ik in een intake tegenover een introverte persoonlijkheid aan tafel zit, is dat kat in het bakkie. We verstaan elkaar. Het wordt pas lastig wanneer ik tegenover een babbelkous zit die allerlei persoonlijke vragen stelt", vertelde iemand me laatst.

En daarmee sloeg zij de spijker op zijn kop. Niet zelden kom ik met marcommers in gesprek bij wie dit ook frustreert. Het niet prettig vinden om bevraagd te worden of ze goed genoeg zijn om zich bij het team te voegen. Maar die tegelijkertijd wel het belang inzien om de opdrachtgever te overtuigen dat zij de juiste persoon voor die uitdagende vacature zijn. Een lastige situatie.

Mensen hebben verschillende spreekstijlen

In mijn vorig artikel haalde ik aan dat om de recruiter te overtuigen er een omkering van een kritisch- naar een realistisch zelfbeeld moet plaatsvinden. Maar er speelt nog iets. We kunnen niet niet communiceren. Zelfs als we luisteren en nadenken zijn we altijd met communicatie bezig. Net als spreken bepaalt luisteren jouw spreekstijl. Er zijn grofweg twee spreekstijlen die mensen hanteren.

Spreekstijl I: Spreken, luisteren, spreken, spreken, luisteren, spreken, spreken, spreken- en daarna misschien nadenken.

Deze spreekstijl herken je vast. Misschien van jezelf, maar anders vast van een van je collega's. Mensen met voorkeur voor spreekstijl I praten meestal veel en snel, ze gaan in op wat anderen zeggen en in hun enthousiasme onderbreken ze de ander nog wel eens. Ze ontwikkelen hun ideeën via de interacties met anderen.

Spreekstijl II: Luisteren, nadenken, luisteren, nadenken, nadenken, nadenken- en dan misschien iets zeggen.

Wanneer je een voorkeur voor spreekstijl II hebt, neem je eerst de tijd om na te denken over wat er gezegd is. Daarna formuleer je jouw antwoord en reageer je op de ander. Voor jouw eigen beeldvorming heb je de ander niet nodig. Jij bent immers een zelfstandig denker.

Stem jouw spreekstijl af op de ander

Wat het lastig maakt is dat we in (sollicitatie) gesprekken vaak uitgaan van onze eigen spreekstijl en met dit gegeven de ander observeren. Degene die veel nadenkt vindt de ander, door dat veel en snelle gepraat al gauw overweldigend. Andersom kan de vlotte prater het zwijgen van de na-denker interpreteren als minder betrokken en niet geïnteresseerd in de vacature.

Natuurlijk zijn dit vooroordelen en misverstanden. Wel is het zo dat als de een zwijgt in een gesprek de ander meer gaat praten. Je beïnvloedt elkaar dus. Maar wanneer je zelf van nature de eerste spreekstijl hanteert, blijft er dus minder tijd over om jezelf te profileren in de hooguit 45 minuten die je ter beschikking staan. 

Alleen jijzelf kan veranderen

Hoe ga je jezelf nu presenteren om die indruk in het sollicitatiegesprek achter te laten, dat jij die interessante vacature kan gaan invullen? Het slechte nieuws, gesprekspartners kunnen wij niet zomaar veranderen. Daarentegen is het een uitdaging om onszelf zo te ontwikkelen dat we ook af kunnen stemmen op de spreekstijl van de ander, met behoud van authenticiteit. Zo creëer je een eigen veilige zone om jouw passie en vaardigheden over het voetlicht te brengen. Frank en vrij.

Ken jezelf. Wees jezelf. Profileer jezelf.

Hoe overtuig jij als marcommer de recruiter en opdrachtgever?

Deze blog verscheen eerder op Bon Sens effectief communiceren.

Deel dit artikel via:
  • 8
  • 0
  • 0
  • Share on Google+ 0
  • 1

Reacties (0)


Plaats een reactie